‘Voor internationale sportambities maak ik me graag sterk’

Amsterdam geniet aanzien in de wereld, zegt Henk Markerink. Sport en evenementen kunnen dat aanzien nog vergroten, aldus de directeur van de Arena. ‘We moeten de wereld vertellen wat hier allemaal mogelijk is.’


Henk Markerink (55) zag als directeur van de Arena hoe de evenementenbranche is gegroeid in de hoofdstad. Grote concerten en belangrijke voetbalwedstrijden gingen dikwijls naar Rotterdam, maar sinds het bestaan van de Arena in Zuidoost, sinds 1996, kunnen De Toppers en U2 ook in Amsterdam terecht.
 

‘Zo’n Arena kun je zien als een kathedraal van deze tijd,’ zegt hij. ‘Wat zich hier afspeelt is bijna religie; voetbal en muziek worden door veel mensen zo ervaren. En wat je in de Middeleeuwen zag, dat zich rond zo’n kathedraal allerlei bedrijvigheid vestigde, zie je hier ook.’
 

Inmiddels ontvangt de Arena circa 2 miljoen bezoekers per jaar. Met steeds meer vrije tijd, wil het grote publiek ook steeds meer vermaak. ‘Voetbal, opera, André Rieu, popbands. Allerlei mensen komen er op af, vaak ook buitenlanders,’ weet Markerink. ‘Zo heb je een arts die overdag in de RAI een congres bezoekt en ’s avonds zijn leren jasje aantrekt, omdat hij naar zijn favoriete band gaat. Of naar Ajax.’
 

Arena-concept

Menigeen kwam kijken om te zien of ze in hun eigen stad een soort Arena konden nabouwen. Daarom besloot Markerink er een consultancy van te maken. Inmiddels gaat hij de wereld over om advies te geven inzake stadions en stadiongebieden. Op die manier hoor je nog eens wat.
 

Markerink: ‘Amsterdam geniet veel aanzien. Dat heeft te maken met onze historie, met de rijke cultuur, maar ook met het feit dat we een beetje ondeugend zijn. Seks, drugs en rock & roll. Je hebt hier en de mooiste musea, en de grachten, en het red light district… Bij elkaar een heleboel. Puriteinse Amerikanen maar ook Aziaten vinden dat bijzonder.’
 

Topstad

Over de grenzen heten we tolerant en is dit de stad waar je je kunt ontplooien. Markerink weet dan ook zeker dat multinationals Amsterdam vaak meenemen in hun overwegingen bij de vraag waar ze zich in Europa zullen vestigen.
 

In die zin zijn de sportieve ambities van Amsterdam bijzonder passend. ‘Wij willen een topstad zijn en daarom is het belangrijk dat Nederland de wens heeft uitgesproken de Olympische Spelen van 2028 te willen organiseren. En waar kan dat beter dan in Amsterdam? Hier waren de Spelen in 1928, hier komen ze in 2028.’
 

En laten we het WK voetbal 2018 niet vergeten. ‘Voor internationale sportambities maak ik me graag sterk. Vergeet niet dat zulke evenementen van belang zijn als bedrijven op zoek zijn naar een Europese vestigingsplaats. Daar gebeuren leuke dingen, denken ze dan, en die impact is werkelijk groot.’
 

Als voorzitter van het Amsterdam Tourist and Congres Bureau houdt Markerink zich veel bezig met citymarketing. ‘Ik probeer Amsterdam goed in de markt te zetten, en dan moet je product in orde zijn. Als je multinationals wilt lokken, dien je over goede kantoren te beschikken, geschikte woonruimte, sportvoorzieningen, veiligheid en een prettige leefomgeving. Wie topexpats wil, moet zich wel verplaatsen in wat zulke mensen verwachten.’
 

Bravoure

Begrip voor deze internationale kaste is niet altijd Amsterdams prioriteit geweest, maar Markerink ziet verbeteringen. Al mag het heus nog wel wat meer. ‘Ik zie graag meer guts, wat meer bravoure. Als de Zuidas de top van de wereld wil ontvangen, moet de locatie zich kunnen meten met het beste ter wereld. La Défense, de City – dat moet dan je ambitieniveau zijn.’
 

Kan het ook iets minder? Nee, vindt Markerink. ‘In mijn beleving is dit een locatie met een enorme ambitie en een enorme potentie. En zet er dan ook een stel gebouwen neer waarvan iemand die uit New York of Londen komt, zegt: wauw’.
 

‘De Zuidas is nog pril en het is tijd dat er een soort stedelijke geborgenheid ontstaat, zodat je denkt: ik heb hier zakelijk wat te doen en daarna blijf ik er hangen. Lunchen, even shoppen, dat gevoel moet nu komen. Dat is de uitdaging, dat het gebied zich ontwikkelt tot een prettig leefbaar stadsdeel en ik denk dat het die potentie zeker in zich heeft.’
Hoe die kantoren gevuld dienen te worden is voor Markerink geen raadsel. ‘We moeten met een koffer onder de arm de wereld over. Ik hoop dat de volgende burgemeester een echte stadhouder-koopman wil zijn die zegt: hier is veel te doen. En die de hele wereld wil vertellen wat allemaal mogelijk is. Als voorzitter van het ATCB is dat een boodschap die ik in ieder geval zal uitdragen.’
 

Beeld: www.janusvandeneijnden.nl